maandag 17 juni 2013

Je bent wat je eet?

Mijn eigen koning worden XLII.


Een tijdje geleden schreef ik een blog over rommel als procesindicator (1 juni) en de analogie met voedsel. Ik moest er een tijdje op broeden, om voor mezelf duidelijk te krijgen hoe ik dat nou bedoelde, zonder er een uitgebreide studie van te maken of te verzanden in een betoog van 5 kantjes. En vandaag is het ei gelegd; ik zat te worstelen met financiële materie met een vriendin van me en besefte me dat ik op dat gebied te weinig 'verteerkracht' bezit; ik kan goed met geld omgaan, maar als het gaat om met geld om te gaan als een levend proces, zoals ondernemers dat vaak goed kunnen, mis ik toch het één en ander. Dat is niet erg, ik heb weer andere kwaliteiten, maar soms zou ik het wel handig vinden.


Die verteerkracht kennen we natuurlijk ook vooral van het spijsverteringsproces. Iedereen weet van zichzelf of hij een goede spijsvertering heeft, of bij bepaalde levensmiddelen meer moeite moet doen, er slecht op reageert, of er helemaal niets mee kan. Wat dat betreft is de vorm, samenstelling en kleur van je ontlasting een prima 'procesindicator' van de kwaliteit van je vertering, om de analogie met de eerder genoemde blog nog even te pakken. Meestal houdt het bewustzijn over de verbinding die we als mens met ons voedsel aangaan daarbij op. Maar het is erg interessant om je er wat meer in te verdiepen. Mijn vroegere leraar geschiedenis schold eens een leerling uit door te zeggen dat de jongen was wat hij at; een gehaktbal. Dat klopt ook met het bekende gezegde dat je bent wat je eet. Maar misschien moeten we dat een klein beetje updaten naar: je bent wat je opneemt, wat je verteert.

Zonder dit verder met wetenschappelijke studies toe te lichten kan ik wel zeggen dat inmiddels duidelijk is dat de kwaliteit van onze voeding van invloed is op ons hele wezen; van ons hart- en vaatstelsel, ons immuunsysteem tot onze geestkracht. En niemand zal dit ontkennen. Maar het frappante is dat vervolgens relatief weinig mensen echt bewust met voeding omgaan. Op de één of andere manier krijgt dit niet de hoge prioriteit die het nodig heeft, en belandt het tussen alle andere belangrijke dingen die gedaan moeten worden. De schijf van vijf is bij veel mensen wel ergens blijven hangen, maar dat is inmiddels een achterhaalde visie, en dat weten velen niet. En misschien is het net als bij roken; "nou en, dan leef ik toch een paar jaar minder, boeien."

Mij persoonlijk gaat het niet om die pure gezondheidswinst; dat is mooi meegenomen, maar de essentie voor mij is, dat ik met goede voeding mijn lichaam niet onnodig uitput. En daarbij zie ik eten als een ontmoeting met het betreffende levensmiddel, en elke ontmoeting maakt me 'rijker': Schreef ik in een eerdere blog dat de natuur onze spiegel is; door de natuur te eten, te ontmoeten en te verteren, kunnen we, afhankelijk van de kwaliteit van dat voedsel, bijzondere krachten in ons vrij maken. En met die krachten kunnen we weer verder op ons ontwikkelingspad. Ik zie hier het beeld van de prins die door de wereld trekt en allerlei gevaren het hoofd biedt, om uiteindelijk met zijn prinses te trouwen en wijs heerser over zijn koninkrijk te kunnen zijn...

zondag 16 juni 2013

Tussen drift en drijfveer

Mijn eigen koning worden XLI.


Vandaag moest ik opeens denken aan het gedicht dat ik schreef voor mijn afstuderen aan de academie voor ouders, een paar jaar geleden. Die 5 zaterdagen per jaar, in 3 achtereenvolgende jaren waren echte kadootjes. Het was heerlijk om in contact te zijn met andere ouders die ook bezig waren om de uitdagingen van het ouderschap op te pakken. Elke zaterdag werden we ondergedompeld in de lesstof en gingen we ook zelf aan de slag. Ik denk er nog wel eens met heimwee aan terug! 

Stiekem hoopte ik dat voor mij als 'afgestudeerd ouder' de opvoeding een stuk makkelijker zou zijn. Die illusie vervloog echter al tijdens de eerste dag van de academie. Hoe bewuster je wordt, des te meer zie je wat je mist; het is net als met het vergaren van kennis: hoe meer kennis, hoe meer twijfel (Johann Wolfgang Goethe). De troost die ik heb, is dat ik me besef dat ik, wij als ouders, het met de beste intenties proberen goed te doen. Het is niet verboden om fouten te maken gelukkig, we leren vaak het meest van onze fouten. Dus wat is eigenlijk fout?

Het eindwerkstuk dat we na drie jaar academie mochten maken, kon van alles zijn. Ik koos voor een drieluik van schildering, kleiwerk en een gedicht. Het gedicht geeft de uitdagingen weer die ik als ouder ervaar. En dat gedicht was dus opeens vandaag weer in mijn gedachten. En tot mijn verwondering merkte ik dat de inhoud me nog steeds past, en dat ik in die paar jaar ook weer de nodige wegen heb bewandeld...



Tussen drift en drijfveer


Naïef verlangen
Krijgt vorm
De geboorte van moeder en kind
Pijn, blijdschap
Verwondering, onzekerheid
Nauwelijks ontgonnen terrein
Van de ziel
Verwordt tot reliëf

De moeder groeit
Met het kind mee
Het landschap wordt geteisterd
Door storm en regen
En gekoesterd
Door warmte
Idealen krijgen vorm
En geven een richting aan

Wederom twijfel
In dit land
Van onbekende wegen
Geen Tom-Tom
Die waarschuwt
Voor dogma of dwaalspoor
Waar ligt mijn drift
Waar mijn drijfveer

Mijn kind
Mens in wording
Spiegel, leermeester
Opeens zie en hoor ik mijzelf
Wezen van twee werelden
Elkaar omarmend in het midden
Ik vervolg mijn weg
Samen, naar vrijheid

Marjolein Doesburg, maart 2010 



 


De kleur van geluk

Mijn eigen koning worden XL.


Steeds weer kom ik er achter dat "Happiness does not depend on outward things, but on the way we see them" (Leo Tolstoy). Wat de ene persoon gelukkig maakt, maakt de andere ongelukkig. Neem bijvoorbeeld de lente: voor de één heerlijk, maar een ramp voor iemand met allergie voor gras en pollen. Je geluk komt voort uit hoe je iets ziet, en niet uit wat je ziet. Binnen een gezin kunnen de verschillende familieleden zich ieder gebeurtenissen uit het verleden anders herinneren, ondanks het feit dat ieder lid in principe hetzelfde heeft meegemaakt. Binnen een afdeling kan de ene werknemer elke dag met veel plezier beginnen, terwijl het voor de ander een lijdensweg is. En zo kan ik nog veel voorbeelden noemen.

In een eerdere blog (Ik doe het (me)zelf aan, blog nummer III) raak ik dit onderwerp ook al aan. Ik vind het zo intrigerend, dat 'de chemie' in ieder mens in staat is om een ander beeld achter te laten van een gebeurtenis. En het mooie is dat het voor elk individueel persoon 'waar' is; jijzelf als subject maakt iets mee, wat jij met je eigen 'kleurenpalet' inkleurt op jouw manier. En nog spannender wordt het, als je als mens in de loop van de jaren verandert, om welke reden dan ook, zelfgekozen, of onbewust. Stel dat die hooikoorts over gaat en je volop geniet van het moment dat de natuur volop bloeit. Wat doet dat met je herinnering aan vroegere lentes? De herinnering aan je hooikoorts blijft natuurlijk, en hoe vervelend elke lente was. Maar zijn de kleuren van het plaatje inmiddels toch niet anders dan voorheen? En hoe goed ben je in staat om die beelden van nu te vergelijken met de beelden van voorheen? We bevinden ons immers op een dynamische schaal, het is geen zwart-wit overgang van de ene inkleuring naar de andere.

En terwijl ik dit schrijf besef ik me hoe lastig het ook is om jezelf bewust te zijn van dat 'inkleuringsproces'; het gebeurt de hele tijd, met alles wat je ziet en meemaakt, zowel in positieve als in negatieve zin. Dus eigenlijk komt het er dus op neer dat we zelf verantwoordelijk zijn voor de set met kleuren die we toepassen op het beoordelen van wat we zien, wat we meemaken. De basisset met kleuren die we in huis hebben, is gevormd in de loop van ons leven, en staat onder meer garant voor ingesleten patronen. Door ons hiervan bewust te zijn, zijn we in staat het kleurenpalet naar onze eigen smaak te veranderen. Dat is wel even wat anders dan de woonkamer restylen trouwens...

En daar doorheen doet zich ook nog het fenomeen voor dat op sommige dagen (of periodes) de kleur geel op is, en dat we op andere groen missen. En heel soms zien we helemaal geen kleuren, en is alles zwart en wit, of grijs. Hoe dan ons kleurenpalet weer aan te vullen? Ook dat is voor ieder mens weer anders; de één maakt een wandeling, de ander leest een boek of luistert muziek, en de volgende gaat dansen; zoveel mensen, zoveel mogelijkheden. In feite betekent dit het jezelf weer kunnen opladen (ook weer een eerdere blog die daar aan raakt: Vuurkracht, nummer XIII).

Tja, en dit hele verhaal op zich is ook weer iets wat je als een uitdaging kunt zien, maar ook als iets waar je niet aan wilt denken :-) .....Wie kleurt er lekker mee?!


donderdag 13 juni 2013

Verborgen leven

Mijn eigen koning worden XXXIX.


Vandaag heb ik zowel tijdens de lunch als tijdens het avondeten met collega's samen gegeten, beide keren met een andere groep collega's. En, toeval of niet, maar beide keren kwam ik te spreken over thuissituaties, die heel heftig waren. Zo heftig, dat ik merkte dat ik opeens met hele andere ogen naar betreffende collega's keek. Ik voelde een mix van medelijden en bewondering. En ik schaamde me ergens ook een beetje. Medelijden vanwege het verborgen leed, het verborgen leven, dat ze met zich meedragen. Bewondering voor het feit dat ze zijn blijven staan in het leven. Schaamte, omdat ik deze collega's al jaren ontmoet en me opeens besefte hoe weinig persoonlijk ik ze ken.

Als ik dat dan omdraai en bedenk met hoeveel mensen ik dan persoonlijke belevenissen deel, dan besef ik me dat ik daar ook een grens trek. Een paar directe collega's betrek ik wel in mijn reilen en zeilen, maar ik heb er ook geen behoefte aan om alles met iedereen te delen. Waarom niet? Ik weet nog goed dat ik pas moeder was geworden en dat ik het weer heerlijk vond om na mijn zwangerschapsverlof te gaan werken - nadat ik de eerste drempel van het afscheid nemen van mijn kind over was natuurlijk-; ik kon weer even gewoon mezelf zijn, in plaats van 'moeder van'. Ik kon zelf mijn tijd indelen, in plaats van geleefd te worden door de voedingen, de luiers en de slaapjes. En dat wilde ik vooral zo houden, op mijn werk.

Dus kennelijk is het ook een stukje zelfbescherming. Het is heerlijk om een plek te hebben waar je gewoon je werk kunt doen, zonder afgeleid te worden door de dagelijkse sores van thuis. Of is dat toch een vorm van struisvogelpolitiek? Hoe belangrijk is het dan om je collega's door en door te kennen en alles met ze te delen? Als je zoveel weet van iemand, kan dat twee kanten op werken. Naast het hierboven geschetste scenario van onder andere bewondering, kun je je ook storen aan de manier waarop iemand in het leven staat. En dat laatste komt de werksfeer niet ten goede. Daarnaast ben je ook vele uren kwijt met uitwisselen van ervaringen, en dat is niet bevorderlijk voor je werk.

Dus zo bezien is de manier waarop het meestal gaat waarschijnlijk wel de beste; er zijn een paar mensen om je heen die meer betrokken zijn bij veel van wat zich in jouw leven voordoet. Aan die mensen kun je je optrekken in mindere tijden en je kunt hen een schouder bieden als zij dat nodig hebben. Maar waar ik me extra van bewust ben, is dat elk mens zijn persoonlijke levensverhaal met zich meedraagt en dat we daar weinig van kunnen zien; we zien in feite alleen het topje van de ijsberg, daaronder zit een wereld van ervaringen. En die ervaringen hebben de persoon in kwestie gevormd. Zo is elk mens een individueel levenskunstwerk, dat we met respect zouden moeten benaderen. En dat is niet altijd even makkelijk, want soms gaat het topje van de ijsberg niet de gewenste kant op, of botst zelfs tegen je aan...En dan komt het er op aan om onderscheid te kunnen maken tussen hoe iemand zich voordoet, en hoe iemand in wezen is. Dat vergt het nodige loslaten van oordelen, en het goed leren luisteren van ons; een scholingsweg op zich...



woensdag 12 juni 2013

Goed en kwaad

Mijn eigen koning worden XXXVIII.


Vanavond waren we weer met ons leesclubje bijeen en bogen we ons wederom over het thema 'goed en kwaad'. Dit is een onderwerp waar we nooit over uitgesproken raken natuurlijk. Kijk alleen al naar alle oorlogen in het verleden die op basis van het verschil van mening hierover zijn gevoerd. Elke partij vindt dat hij de goede zaak verdedigt en dat het kwaad moet worden bestraft...

De vraag kwam naar boven hoe we kunnen beoordelen wat goed en kwaad is, en moeten we dat onderscheid willen maken? Beoordelen we goed en kwaad nu niet voornamelijk aan de effecten die we er van zien, er van ondervinden? Zouden we niet naar het wezen achter het goede en het kwade moeten kijken, en durven we dat wel? Ik moest weer denken aan de mooie tekst van Marianne Williamson (zie mijn blog van 28 mei over onze diepste angst). Als we er goed naar kijken blijken beide kanten afschrikwekkend te zijn voor ons.

Toch ben ik er van overtuigd dat wij als mensen een kanaal voor het goede kunnen zijn, maar dan het 'ware goede'. De idealen die veel mensen hebben, raken daaraan, alleen schuilt er altijd het gevaar van het fanatisme. Volgens mij is het alleen mogelijk het 'ware goede' in jezelf werkzaam te maken, door jezelf als het ware te scholen in het waarnemen, het denken, het voelen en het handelen; daarin een zeker bewustzijn te creëren. Dat is niet echt een alledaagse opleiding, die je bij wijze van spreken op het voortgezet onderwijs standaard krijgt aangeboden. Maar voor het ontwikkelen hiervan zijn wel mogelijkheden beschreven, zoals het zesvoudig pad (Joop van Dam).

Ik wil nog een tijdje met dit thema rond blijven lopen en heb een paar mooie spreuken van wijze mensen gevonden, die de discussie van vanavond eigenlijk heel mooi samenvatten:

Niets is goed en kwaad van zichzelf, onze gedachten maken het zo.
William Shakespeare

Wat uit liefde wordt gedaan, geschiedt altijd buiten goed en kwaad om.
Friedrich Nietzsche

Het kwade is slechts de keerzijde van het goed.
Johann Wolfgang von Goethe

De mensen hebben zelden de moed om volkomen goed of volkomen slecht te zijn.
Machiavelli


Ik zal niet zeggen dat ik hier zo goed en zo kwaad als mogelijk mee verder wil gaan, want dat betekent dat ik het maar halfslachtig kan doen. Dat is ook apart als ik er zo bij stil sta: het goede en het kwade samen is dus kennelijk maar de halve oplossing...


maandag 10 juni 2013

Het meervoud van lef

Mijn eigen koning worden XXXVII.


Het meervoud van lef is leven, schreef ik als puber als één van de vele spreuken in mijn schoolagenda. Het woordgrapje sprak me toen al aan, en ik begon ook al een vaag vermoeden te krijgen dat het leven lastiger was dan ik tot dan toe gewend was. Ik ben opgegroeid in een klein dorp, redelijk ver van een stad, en de 'grotemensenwereld' kwam in eerste instantie in mijn bewustzijn via boeken en de televisie. Pas later besefte ik me dat niet alle kinderen zo geleidelijk het leven in kunnen stappen.

Dat besef kwam de afgelopen weken ook weer extra tot leven, doordat onze middelste dochter op school met Geschiedenis bezig is met de eigen biografie. Toen bleek er toch al behoorlijk wat heftigheid in de leventjes van sommige van haar klasgenootjes te zijn voorgekomen. En waarschijnlijk wordt nog niet eens alles verteld aan elkaar. En dan te bedenken dat elke ouder het beste voor heeft met zijn kinderen en dat je ze het liefst voor alles zou willen beschermen. Dat is dus gewoon onmogelijk, daar ben ik inmiddels ook achter. Hoe dan ook, je kind zal trauma's oplopen. Au.

Oké, we kunnen dus niet voorkomen dat het kind zich 'stoot' aan het leven, maar we kunnen wel proberen het kind zo sterk te maken, dat het weerbaar is. Eigenlijk raakt dit aan mijn blog van gisteren, die over veerkracht ging. We zouden dus willen dat een kind zich niet (lang) uit het evenwicht laat brengen door een gebeurtenis met impact. Maar we willen ook geen blok basalt als kind. Oef, ga er maar aan staan! Als we al in staat zijn bewust met de opvoeding om te gaan, dan is dit laatste wel een ultieme uitdaging.

Ik denk dat hier een hele belangrijke taak voor humor en lichtheid ligt. En dan bedoel ik niet dat je keihard moet gaan lachen als je kind voor de vijfde keer van zijn fiets valt, of door grote jongens wordt gepest. Maar deze twee eigenschappen kunnen wel tegenwicht bieden aan de zwaarte die soms kan ontstaan. Eigenlijk gaat het er denk ik om dat we onze kinderen voorleven hoe we op verschillende manieren met het rijke palet dat het leven ons voorschotelt om kunnen gaan. En dat vereist soms de nodige moed. Veel moed zelfs; een meervoud van lef...



zondag 9 juni 2013

Veerkracht

Mijn eigen koning worden XXXVI.


Met fascinatie bekeek ik vandaag mijn vinger, waar ik gisteravond per ongeluk een tapasprikkertje in gestoken heb, en die nu rood en dik aan het worden is en pijnlijk aan voelt. Ik vind het nog steeds een wonder hoe het lichaam met dit soort verwondingen om gaat en hoe het genezingsproces elke keer weer plaats vindt. En deze verwonding is een hele zichtbare, en voelbare, maar er vinden continu van dit soort herstelwerkzaamheden plaats in ons lichaam, zonder dat we ons daar steeds bewust van zijn. Ik heb ergens gelezen dat alle cellen van ons lichaam in zeven jaar tijd volledig vernieuwd zijn, vervangen door andere cellen. Wat een vernieuwingskracht zit daar achter!

De vraag die dat bij mij oproept, is of elke nieuwe cel precies lijkt op z'n voorganger; met andere woorden: zijn we in staat ons lichaam te veranderen, al dan niet bewust? In principe zou elke cel precies dezelfde cel moeten worden, aangezien er celdeling plaats vindt. Echter, het DNA, dat de basis, of het patroon, vormt voor de te vormen cel, verandert in de loop van de tijd wel; er vinden continu kleine veranderingen plaats, die meestal geen veranderingen in de cel tot gevolg hebben, maar soms ook wel. Daarnaast heeft de omgeving van de cel (hormonen, chemische stoffen, virussen, etc) ook nog invloed op de ontwikkeling van de betreffende cel. Ook hier dus wonderbaarlijk dat dat zo vaak goed gaat. Maar gaandeweg veranderen we wel, kijk maar naar een foto van jezelf van 10 jaar geleden...

Vernieuwing en veroudering, ik vind het wonderbaarlijke en fascinerende processen. Er is al zoveel onderzoek naar gedaan en er is ook nog zoveel niet duidelijk; hoe zit het bijvoorbeeld met de 'mind-body' interactie; wat is de invloed van je gedachten, van hoe je in het leven staat, op je gezondheid? Het is inmiddels duidelijk dat gelukkige mensen gezonder zijn dan depressieve mensen; de mate van geluk (kunnen) ervaren is van invloed op je immuunsysteem. Als je daar dieper over nadenkt is dat toch fantastisch!

Kennelijk is de kracht van de geest zo groot, dat het zelfs tot in het fysieke kan doorwerken. Het mooie is, dat dit concept inmiddels aan het doordringen is tot in de WHO definitie van gezondheid. De huidige dateert nog van 1948(!): "Health is a state of complete physical, mental and social well-being and not merely the absence of disease or infirmity". Als je het zo bekijkt, is niemand voor lange tijd achter elkaar gezond! De laatste jaren wordt er flink gediscussieerd over een nieuwe definitie, en een prachtig concept vind ik:  "the ability to adapt and to self manage" (M. Huber et al, BMJ 2011). Uitgangspunt hierbij is de mate van veerkracht die iemand heeft, om in een gegeven 'ziekmakende' omstandigheid, zichzelf weer 'op te richten' zonder daadwerkelijk ziek te worden. De mate waarin een persoon dit kan, wordt zowel fysiek als mentaal bepaald.

Bovenstaande is een bredere kijk op gezondheid; het geeft aan dat een mens meer is dan alleen een verzameling cellen, bouwsteentjes; dat er verschillende krachten werkzaam zijn, die er voor zorgen dat we een 'heel mens' worden en blijven. Welke krachten dat precies zijn, daarover zijn de meningen nog verdeeld; gelukkig heeft mijn verwonde vinger daar geen weet van en doet mijn lichaam wat het al decennia doet: over een weekje zie en weet ik niet meer dat er een tapasprikkertje mijn fysieke grens doorstak!