vrijdag 14 februari 2014

Soevereiniteit

Mijn eigen koning worden LXXVI.


De laatste keer dat ik een blog schreef is al weer ruim een maand geleden, maar voelt als nog veel langer. Al ruim 2 weken was ik er mee bezig dat ik heel graag weer eens wat ideeën op wilde schrijven. Wat hield me tegen? Geen tijd is geen excuus sinds ik me heb voorgenomen om belangrijke dingen mijn tijd te geven. Geen inspiratie is al helemaal geen goede reden, omdat ik gezegend ben met bakken vol. Nee, het was mijn hoofd, of beter, het denken dat zich daar in afspeelt. Het begon allemaal met de volgende tweet, die ik las:

'Ask yourself, are you planning on becoming a full-time blogger?'

Met daarbij een link die verwees naar een artikel, met als uiteindelijke apotheose:
'If not, then maybe you shouldn’t start a blog – but get back to the original idea of blogging: instead of trying to establish your blog, just establish yourself.'

BAM, die kwam binnen. Eén op het oog simpel zinnetje bracht mijn heerlijk tuffende koningsblogtrein met een schok tot stilstand. Waarom was ik ook al weer begonnen met mijn blog? Half januari, ook een prima timing om de goede voornemens weer eens te toetsen. Was het doorgaan met bloggen inderdaad wat ik wilde dit jaar? En zo ja, waarom? Omdat ik me bij de start ervan had voorgenomen dit minimaal een jaar te doen? 'Doelen kunnen bijgesteld worden', zei meteen een klein stemmetje terug.

Het oorspronkelijke doel van mijn blogs was om mijzelf, en anderen, te inspireren 'meer koning te worden over onszelf'. Of, met een ander woord: het proces aan te gaan van soevereiniteit vergaren. Soevereiniteit, of ook wel zelfbeschikkingsrecht, wordt meestal in verband gebracht met volkeren, maar als je het beziet vanuit je persoonlijk perspectief, dan gaat het eigenlijk over de vrije wil (zie ook soevereiniteit ). Over dat onderwerp zijn kilometers discussies gevoerd, maar waar het mij over gaat: wat betekent het concreet voor mij en waarom wil ik dat? Gek dat ik die vraag nu pas, na ruim 9 maanden, uitwerk. En mooi toeval dat ik via een gesprek, dat mijn man laatst voerde met een bevriende collega, weer op dit prachtige woord soevereiniteit stuitte (met dank aan Nicolaas!).

Het soeverein worden is een manier om mijzelf te 'establishen', en dat ik dat doe door (o.a. niet fulltime) een blog te schrijven is dan misschien gedeeltelijk in tegenspraak met de eerdergenoemde tweet. Door de interactie met anderen, de chemie, probeer ik dat proces te helpen. Niet als een dier impulsief reageren op externe prikkels, stemmingen niet laten afhangen van de omgeving, het weer, of 'anderen', zelf verantwoordelijkheid nemen voor mijn eigen leven; het klinkt als een open deur, maar als ik eerlijk ben en ook om mij heen kijk, dan zie ik dat wens en werkelijkheid nogal eens verschillen. En dat is niet erg natuurlijk, we zijn tenslotte allemaal mens ;-). Het leven is één grote leerschool, en ieder kan een eigen tempo en manier kiezen. (H)eerlijk toch?

Uiteindelijk besef ik me nu dat die 9 maanden, net als een echte zwangerschap, nodig zijn geweest om het 'koningskindje' te laten groeien en ontwikkelen. Pas nu zie ik hoe het er uit ziet, het zichtbare (maar niet zozeer fysieke) resultaat van het oorspronkelijke 'bevruchtingsmoment'. Het soeverein worden is nog lang niet af, net als een echte boreling gaat nu het echte werk pas goed beginnen. Gelukkig hoef ik er nu niet 's nachts mijn bed voor uit en blijven de luiers me ook bespaard. Dit koningskindje vraagt een heel ander soort inzet. De overeenkomst is dat het een hele uitdaging is, dat er ook 'moments of despair' zijn, dat het gevoel van verantwoordelijkheid soms zwaar kan drukken, dat ik 'niet meer terug kan' (als ik dat al überhaupt zou willen) en vooral dat het met plezier en liefde gebeurt!

maandag 6 januari 2014

De hele olifant

Mijn eigen koning worden LXXV.


In september 2013 heeft de Senaat van de VS unaniem de resolutie   (S. RES. 221) over natuurgeneeskunde geaccepteerd. Deze resolutie erkent de waarde van natuurgeneeskunde als een methode die veilig en effectief is, en die ook betaalbaar is. Amerikanen worden aanbevolen zich op de hoogte te stellen van het werk van natuurgeneeskundigen, vooral bij de behandeling van chronische aandoeningen.

Dit past goed bij het feit dat er in de USA al heel wat klinieken en praktijken zijn waar integratieve geneeskunde mooi samen gaat met de reguliere geneeskunde. In Nederland leven we wat dat betreft nog ver in de vorige eeuw. En dat, terwijl we op medisch technologisch gebied toch op gelijke voet staan met de Amerikanen. Waarom wel de innovaties op het ene, puur materiële gebied, maar niet op het andere, voor sommigen meer ongrijpbare, vlak? Ook de ontstane discussie n.a.v. het artikel in Medisch Contact van voormalig longarts Marieke Koster, vorige maand, die pleit voor meer aandacht voor de emotionele aspecten van het artsenvak, bevestigt weer deze behoudende sfeer in ons landje.

De meer basale vraag die dat bij mij oproept, is: waarom staan mensen (soms) niet open voor nieuwe dingen? Volgens mij komt dat omdat dit een onbewust proces is. Mensen voelen zich bedreigd, voelen onbewust dat hun dogma, hun paradigma, hun wereldvisie, bedreigd wordt. Ze kijken naar een stukje van de olifant en beseffen zich dat niet. Er is een hele mooie parabel over een koning die met zijn olifant naar een stad kwam, waar alle mensen blind waren. Een aantal nieuwsgierige mensen gingen naar de koning toe om de olifant te voelen. Na afloop beschreven zij de olifant aan hun blinde stadsgenoten. De man die het oor had aangeraakt zei: “Het is een groot, ruw ding, zo groot als een tapijt.” Degene die de slurf had aangeraakt zei: “Ik weet wat het is. Het is een rechte en holle pijp, vreselijk en vernietigend.” Degene die een poot had onderzocht zei: “Het is krachtig en stevig, zoals een pilaar.” En zo hadden ze allemaal een andere beschrijving, maar geen van allen hadden ze een juiste voorstelling gekregen van het gehele dier. De moraal van het verhaal is dat het beeld dat we vormen van de werkelijkheid op basis van onze zintuiglijke waarnemingen beperkt is, en dat het een illusie is te menen dat de waarheid die wij ervaren ‘de waarheid’ is.

Niemand zal hier iets tegen in kunnen brengen en toch is dit wat dagelijks gebeurt, zeker in onze huidige visie op gezondheid in Nederland. In plaats van te willen kijken naar de hele olifant, zijn er mensen actief om de mensen die dat wel willen net zo blind te laten blijven als ze zelf zijn. Deze mensen noemen zich o.a. de vereniging tegen de kwakzalverij, stichting Skepsis, etc. Het is jammer dat deze mensen niet open willen staan voor het hele verhaal, de complete visie. Het is ongelofelijk dapper en goed dat er veel mensen zijn die zich hierdoor niet laten tegenhouden en doorgaan op zoek naar het beeld van de hele olifant. En het is tegelijk triest dat we een minister van Gezondheid hebben die blijk geeft hier niets mee te kunnen en niets mee te willen kunnen. Blind zijn is een ding, maar je dat niet beseffen en dat vooral zo willen houden is wel de makkelijkste, maar in mijn ogen - mind de woordspeling- niet de juiste weg.

Mijn wens voor dit nieuwe jaar is dat onze beleidsmakers -en zoveel mogelijk andere mensen- de 'brains, guts en heart' krijgen om de hele olifant te willen gaan zien. En dat ze dan zullen ze ervaren dat het geen circustruc is, maar de kracht en de werkelijkheid van moeder natuur.

maandag 9 december 2013

Vergrootglas

Mijn eigen koning worden LXXIV.


Het is voor ons zoals elk jaar weer een hele zoektocht hoe we onze kerst willen vieren. Omdat wij niet standaard per sé kerst met familie doorbrengen, hebben wij de vrijheid te doen wat wij willen. Dat klinkt voor sommigen heel aanlokkelijk, maar levert ons in praktijk nog de nodige hoofdbrekens op. Want de eenmaal 'verworven vrijheid' willen we dan ook goed gebruiken. Tja, en wat is goed?! 

We proberen nu, net als elk jaar, weer te kijken naar de betekenis die kerst voor ons heeft. Het verhaal van de ster die de herders naar Betlehem lokt, waar een goddelijk kind is geboren, is al heel oud. We zouden natuurlijk kunnen denken dat het 'maar een verhaal' is en leuk als achtergrond voor 'het kerstgevoel'. Maar het feit dat dit verhaal al millennia levend blijft, verraadt al iets van de diepere betekenis, wellicht. Voor ons is niet zozeer de vraag of het een waar gebeurd verhaal is. Maar hoe we dat verhaal dan naar onze tijd kunnen vertalen; wat betekent het voor ons? Hoe zorgen we dat de glans die om dat verhaal hangt blijft stralen?

En, niet onbelangrijk, onlosmakelijk aan kerst verbonden is de hele adventtijd. Ad-venir, letterlijk: er naar toe komen. Van deze tijd vinden we tegenwoordig nog maar heel weinig terug in het openbare leven. Er zit gelukkig kennelijk geen vermarktingspotentie in. Anders waren er allang adventkaarten, adventbroden, adventchocola, en andere snuisterijen op de markt gebracht. We hebben geluk met Sinterklaas als beschermheilige ;-) Zijn verjaardag valt altijd rond de eerste adventweek en is een stuk PR gevoeliger. Althans, ik hoop voorlopig nog wel. Na de discussie hierover onlangs weet je het maar nooit.

Zo is het in deze tijd een hele uitdaging om de innerlijke mogelijkheid te zien om in de adventtijd de weg te gaan die leidt tot de geboorte van het kind, in figuurlijke zin. Zoals ik het nu zie is dit de ultieme periode voor zelfreflectie en persoonlijke ontwikkeling. De mens kan deze periode met een andere bril kijken naar bijvoorbeeld zijn ziekten, zijn angsten, of zijn verleidingen, of zoekt naar zijn eigen weg. En dat ziet er dus voor ieder mens en elk jaar weer anders uit. Net als het kerstfeest dat door ieder mens weer net anders beleefd zal worden. Je zou het kunnen zien als de mogelijkheid in ieder van ons iets nieuws geboren te laten worden;  nieuwe krachten voor het komende jaar. In de tuin gebeurt, onzichtbaar onder de grond, in feite hetzelfde; zaden liggen klaar om te ontkiemen zodra het weer warmer wordt.

Dit alles staat in schril contrast met de etalages die ons in deze tijd van het jaar tegemoet schitteren met allerlei pracht en praal. Ik heb niets tegen die glamour an sich, maar heb wel moeite met het idee dat dit voor veel mensen het enige symbool voor kerst is. En daarbij besef ik me ook dat het moeilijk is om de diepere spirituele betekenis van kerst te ervaren, als je niet het hele jaar door op die manier in de wereld staat. Als onze kerst dus niet meer is dan optutten en uitdossen en ons vol eten aan diners van vijf gangen of meer, dan is dat uitvergroot waar ons dagelijks leven ook om draait...

Dan kan ik alleen maar concluderen dat de glitter en glamour waar kerst mee omhuld wordt onze innerlijke ster van Betlehem overstraalt en dient om de geestelijke armoede te verhullen. Au. Ik heb onze adventster weer van zolder gehaald en hoop dat z'n licht onze en heel veel andere harten bereikt.

donderdag 21 november 2013

Loslaten

Mijn eigen koning worden LXXIII.


De dagen beginnen nu echt kort te worden. Nog even en we vertrekken 's ochtends in complete duisternis en komen 's avonds weer terug in het donker, alsof de dagen met licht zich in een vorige tijd afspeelden. Het heeft iets dubbels; enerzijds verlang ik weer terug naar die heerlijke lange zomerdagen, waar het leven zich veel buitenshuis afspeelde en de temperaturen een stuk aangenamer waren. Anderzijds is deze tijd van het jaar ook weer superknus; we steken de kachel weer lekker aan en we leven letterlijk dichter bij elkaar. 

Met alle jaarfeesten in deze periode, die in grote lijnen gaan over schenken en ontvangen (Michael, St Maarten, Sinterklaas, Kerstmis) word ik me ook weer meer bewust van mijn relatie met anderen; wat heb ik anderen te geven en wat mag ik ontvangen. En wie mag ik nog wat extra geven en waar loop ik op leeg. Daardoor is deze periode er ook eentje van loslaten. Eigenlijk doet de natuur ook dat ons weer mooi voor; het hele proces van verkleuring van de bladeren van zomers diepgroen naar rood, oranje en geel. Uiteindelijk blazen de herfststormen dan alles schoon en blijft de prachtige structuur van de takken over, waarin elke boom of struik ook weer een eigen signatuur heeft.

In huis zijn we ook weer aan het opruimen, een mooi parallel proces met de buitenwereld. En in mijn eigen binnenwereld is dit ook de periode van bekijken van 'de oogst' en loslaten van mijn eigen 'gele bladeren'. Dan is er straks in het nieuwe jaar letterlijk weer ruimte voor nieuwe voornemens. Dat valt soms niet mee met alle aandacht die naar buiten getrokken wordt. De gesprekken om mij heen gaan over verlanglijsten voor Sinterklaas en de diners met Kerst, buiten zie ik schreeuwende reclames en aankondigingen voor koopzondagen en iedereen heeft het in deze tijd enorm druk. Het proces van 'naar binnen gaan' wordt zo een extra uitdaging.

Wat zou er gebeuren als de bomen hun blaadjes niet meer los zouden laten? Het knopje van het nieuwe blad, wat al klaar staat om het volgende seizoen het zonlicht te gaan transformeren, zou dan geen ruimte krijgen. De boom zou uiteindelijk niet meer groeien. Het loslaten is nodig voor de groei en ontwikkeling van levende organismen. Als we ons zouden beseffen dat dit voor de mens in bepaalde zin net zo geldt, hoe zou deze periode er dan uitzien...?!



woensdag 6 november 2013

Hoe het leven je prikkelt

Mijn eigen koning worden LXXII.


Onlangs zag ik een prachtig filmpje over een jongetje dat gepest werd op school en wiens ouders steeds ruzie maakten. Ik kreeg er bijna plaatsvervangend buikpijn van, zo zielig zag dat jongetje er uit. Tot het moment dat hij met een krijtje een hinkelbaan op de grond tekent en daar op oefent. Je ziet hem kijken naar hoe de meisjes dat doen, en dan denk je: tjee, wat zielig, nu wordt hij straks nog meer gepest...Tot mijn grote verrassing was het volgende filmshot een opname van hetzelfde jongetje dat een waanzinnige act laat zien, waarbij hij die hinkelbaan raakt met handen, voeten, zijn rug, eigenlijk zijn hele lichaam, als een soort breakdancing. In het laatste stukje film zie je dat hij dan bewonderaars krijgt.

Ik vind dit zo'n mooi voorbeeld van het benutten van mogelijkheden, zelfs als de omstandigheden het tegendeel lijken uit te stralen. Sterker nog, ik denk dat grootse prestaties zelfs vaak juist op een vergelijkbare manier getriggerd worden. Dit wordt mede ingegeven door een lijstje dat ik ergens zag met namen van beroemdheden, met al hun 'gebreken' of 'hopeloze starts' , waaronder Walt Disney, Churchill, Graham Bell en Einstein, die zonder uitzondering allemaal leerproblemen hadden in hun jeugd, en door 'het systeem' als 'ongeschikt' werden bestempeld...

Kennelijk is de interactie van de mens en zijn omgeving van wezenlijk belang voor zijn verdere ontwikkeling. Mandela is daar natuurlijk ook zo'n prachtig voorbeeld van. Hoeveel mensen zouden er in zijn geval niet bij de pakken gaan neerzitten en alle hoop laten varen? Het getuigt van een enorme kracht om er dan juist sterker uit te komen. Hoe vaak lees je ook niet dat mensen een belangrijke switch in hun leven maken, naar aanleiding van een moeilijke gebeurtenis (ziekte, echtscheiding, etc). Kennelijk is zo'n life changing event in staat om bepaalde sluiers, maskers, schilden, of hoe je het ook maar wilt noemen, weg te laten vallen, zodat de mens zichzelf kan zien, of kan ervaren, in de volheid van zijn echte kracht.

Wat is het dan dat sommige mensen in staat zijn deze transformatie te laten plaats vinden? Met andere woorden: hoe kom je bij je intrinsieke kracht? Als we dat weten, hoeven we misschien ook de katalyse van moeilijke omstandigheden niet meer te gebruiken. Ik denk dat dit niet zomaar een trucje is, maar een heuse scholingsweg, oefenweg. De één doorloopt hem langzaam, de ander - al dan niet door de omstandigheden gedwongen of getriggerd- snel, en sommigen doorlopen hem misschien wel niet. Deze 'levenskunst' valt in geen enkel boek te beschrijven, omdat het voor iedereen uniek is. Elk mens heeft zijn eigen specifieke omstandigheden, gecombineerd met zijn eigen talenten, krachten. De truc is, om daar je eigen chemie in te leren bedrijven. Dat dit niet zonder slag of stoot gaat, zal duidelijk zijn. En dat die slagen en stoten juist een heel belangrijk onderdeel kunnen vormen van het gehele proces, is misschien een pleister op de wonde...




donderdag 31 oktober 2013

Het nieuwe feminisme

Mijn eigen koning worden LXXI.

Al scrollend door het nieuws, viel mijn blik op de rechtszaak over Heleen Mees. Met name dat het zou gaan om stalking van een Brits-Nederlandse econoom; duizend e-mails, waaronder dreigmails en erotische foto's. De naam Heleen Mees zei me niet zo heel veel, en ik verwachtte een stereotype verhaal van een stagiaire of een interieurverzorgster. Toch benieuwd naar de mens achter dit persoonlijke drama, las ik verder en googlede verder op haar naam. Ik stuitte op info uit Wikipedia en een goed interview met haar in Vrij Nederland van 2009, waardoor me veel duidelijk werd.

Tot mijn grote verrassing blijkt deze econoom en publicist over een uitgebreid CV te beschikken, zowel qua vakinhoud als qua schrijven voor gerenommeerde tijdschriften. Wat me intrigeert is dat ze wordt beschouwd als de aanjager van de derde feministische golf. Ze is sterk voorstander van vrouwen aan de top en ziet daarvoor als voorwaarde dat vrouwen ook 50+ uren per week werken. Vrouwen die dit niet doen vindt ze eigenlijk maar waardeloos, lui zelfs. Een uitspraak van haar is: "Hoogopgeleide vrouwen die geen volwaardige carrière nastreven, verkwisten niet alleen hun eigen kapitaal - en doen zo zichzelf en de samenleving tekort - ze verkwanselen ook de positie van andere vrouwen, inclusief die van hun dochters en dochters' dochters.' Mees' missie: meer vrouwen in topbanen." Toch brengt dit haar nog niet genoeg, want volgens het interview is ze op zoek naar grotere vervulling en zou ze het liefst trouwen en kinderen krijgen.

Ik laat me niet (meer) snel op de kast jagen, maar zo'n vrouw maakt kennelijk wat in me los, anders zou ik niet zo doorgraven in dit onderwerp. Het participeren van vrouwen aan de arbeidsmarkt is ook een thema in mijn leven. Mijn moeder koos er destijds voor om altijd thuis te zijn als wij, mijn zusjes en ik, soms hongerig, vermoeid of natgeregend, uit school kwamen. Er was tijd voor een kop thee en een luisterend oor. In die tijd, medio jaren 80, moest Heleen haar verhalen op andere manieren en momenten met haar moeder delen. Als ze ze al deelde met haar moeder, of haar vader. De trieste ontwikkeling naar stalkgedrag doet vermoeden dat er in haar jeugd bindingsproblematiek is ontstaan.

Ikzelf heb gekozen voor een parttime baan, ondanks mijn functie als specialist en afdelingshoofd. Dit was zeker geen automatisme (itt wat Mees stelt, dat we onze rolmodellen nadoen, en geen keuzevrijheid hebben); veel collega's vragen zich -terecht- af hoe ik dat combineer, zo'n baan met een druk gezin met jonge kinderen. Als ik eerlijk ben, is dat ook eigenlijk geen doen, en wil ik gewoon 'van twee walletjes' mee eten: de inspiratie door een uitdagende baan, en het idee dat ik als moeder ook voldoende meekrijg van (en meedoe aan) het opgroeien van mijn kinderen. Ik heb enorm geluk met een man die heel veel thuis doet, en een bijzonder fijn samenwerkend team op mijn werk. Toch leef ik vaak met het gevoel op beide fronten net tekort te schieten. Daar raakt mevrouw Mees mij dus op een tere plek. En het is een spagaat waar veel werkende hoog opgeleide moeders zich in bevinden. Het is een continu zoeken naar balans tussen de twee werelden van werk en thuis.

Een tijdje geleden had ik hier een mooi gesprek over met een vriendin, die coach is met specialisatie op dit gebied, Marije van Duijne Strobosch (M energie). Zij was toen bezig een mooi, gratis, e-book hierover te schrijven ('7 inspirerende vragen voor ambitieuze vrouwen'). Ik hoorde mezelf vertellen dat ik nooit anders zou kunnen dan het combineren van deze twee rollen; alleen moederen zou ik niet kunnen, ik zou de intellectuele prikkeling te veel missen en het contact met collega's. Alleen werken zou ik ook niet willen, omdat ik dan  (o.a.) de relativering die het gezin mij biedt mis, plus het bijzondere van het mogen begeleiden van mijn kinderen, mensen-in-wording. Dus ben ik 'veroordeeld' tot het continu zoeken en bijsturen naar het midden tussen deze twee uitersten. De inspanning die dat kost heeft als mooi bijkomend resultaat dat ik vervulling kan ervaren. 

Hiermee wil ik niet zeggen dat dat voor iedere vrouw de oplossing zou zijn. Anders dan Heleen Mees, laat ik iedereen graag zijn of haar eigen keuze. We leven in een wereld waar iedereen geprikkeld wordt om dat individuele stuk op te pakken; ieder mens heeft z'n eigen 'levens-chemie'! Misschien moet ik mezelf maar gaan profileren als "aanjager van de 4e feministische golf": het streven van de vrouw om haar eigen 'chemie' te bedrijven, door persoonlijk leiderschap verworven gebruik van de vrouwelijke kwaliteiten, in samenhang met -en aangevuld door- de mensen, de wereld, om haar heen!

maandag 28 oktober 2013

Zelforganisatie of zelfbewustzijn?

Mijn eigen koning worden LXX.


Vorige week zat ik in de auto, toen opeens mijn blik werd getroffen door een enorme zwerm vogels. Ze trokken in een sierlijke golvende beweging door de lucht, alsof ze een onzichtbaar schilderij aan het maken waren. Helaas was ik de bestuurder, anders had ik graag nog lang naar dit prachtige fenomeen gekeken. Ik moest het doen met dat ene mooie beeld en mijn herinnering. En een terugkerende vraag drong zich op: hoe doen vogels dit; wie of wat bepaalt de richting, waarom botsen ze niet?

En onwillekeurig trok ik dit verschijnsel door naar de manier waarop wij mensen ons in een groep bewegen; dat gaat toch een stuk minder vloeiend...Als we hetzelfde doel hebben (bijvoorbeeld een nieuwjaarsduik) dan lijkt het nog ergens op. Maar als dat doel onbekend is, is er al gauw een leider nodig. En dat geldt ook voor een reisgezelschap met die ene persoon met een belachelijke paraplu.

Hoe zit dat dan met die harmonieuze zwermen? Er is jaren onderzoek naar gedaan door Charlotte Hemelrijk (what's in a name) van de universiteit in Groningen. Zij beschreef in 2011 in het wetenschappelijke tijdschrift Plos ONE een aantal oorzaken voor variaties in de vormen van spreeuwenzwermen, met een computermodel. Een relatief lage variatie in snelheid, de grote aantallen, het kleine aantal interacties en het maken van bochten zijn allemaal factoren die de vorm van een zwerm bepalen. Haar vraag was verder of zelforganisatie alles verklaart.

Wikipedia is ook altijd een dankbare bron, die mij leert dat het 'zwermen' emergent gedrag betreft, dat voortvloeit uit simpele regels, die door individuen (vogels in dit geval) gevolgd worden, waarbij geen centrale coördinatie komt kijken. Geen vogel met een paraplu in hun midden dus ;-) Ondanks het gebrek aan centrale besluitvorming, ontstaat complex gedrag, zoals dat in optima forma te zien is in mierenkolonies. 

Wat is het dan dat vogels hebben, en wij niet? Een radarsysteem? Of is het iets dat wij juist wel hebben, en vogels niet, waardoor wij mensen geen zwerm (kudde, in ons geval van lopende zoogdieren) kunnen vormen; onze eigen bewustzijn?! Ik vermoed dat laatste. Op het moment dat wij ons eigen bewustzijn verlagen, bijvoorbeeld door alcohol en/of afgestompt door muziek, kunnen wij ons prima als kuddedieren gedragen. 

Het is ons echter als mensen gegeven om als individuen met bewustzijn keuzes te maken. Daarmee zijn we ons groepsgedrag kwijt geraakt. En dat is niet altijd even makkelijk en fijn. Vandaar dat we soms (al dan niet tijdelijk) weer terugvallen met externe hulp, of door aangeleerd kuddegedrag. Ik denk dat het een uitdaging is om die (voor ons nodige) groepsvorming op een andere manier vorm te geven; de groep, bestaande uit individuen, die zich vanuit hun eigen bewustzijn aansluiten bij de idealen, de normen en de waarden van de groep. Dus is het kennelijk toch niet voor niets dat 2012 door de VN was uitgeroepen tot het jaar van de coöperatie. Wat een zwerm vogels al niet voor inzichten oplevert.